In 1925 richtte het echtpaar Stiemens zich ook op de nazorg van tuberculosepatiënten. In 1926 lieten ze het boekje “Zonlichtheide” verschijnen, geschreven door mevrouw Stiemens. Steeds meer richtte Stiemens zich op het bezighouden van de patiënten door middel van arbeidstherapie. Er werden zelfs tentoonstellingen georganiseerd met het werk van de patiënten dat bestond uit weefwerk, raffiawerk en lampenkappen. De leiding over de arbeidstherapie werd verzorgd door mevrouw Stiemens. Ze gaf ook door het hele land voorlichting over de tuberculosebestrijding en de nazorg. Bij zijn 25-jarig jubileum als geneesheer in Gennep maakte Stiemens plannen bekend voor een nieuw gebouw voor de nazorg van patiënten en arbeidstherapie. In 1930 liet het echtpaar ten zuiden van Gennep aan de rijksweg richting Venlo ‘Zonlichtheide’ bouwen. Dit gebouw, ontworpen door de architect ir. Dinger uit Naarden, werd speciaal ingericht voor nazorg van patiënten die nagenoeg genezen waren van tuberculose. Het gebouw werd in mei 1931 in gebruik genomen. In het voorjaar van 1957 werd het sanatorium gesloten.

Het Gebouw
Het hoofdgebouw is in 1930 ontworpen door architect J.W.Dinger, ‘t Juweeltje in 1935 door F.J. Hopman. Beide gebouwen zijn gebouwd in cottagestijl, een stroming binnen het expressionisme. Deze bouwstijl kenmerkt zich door het gebruik van schoon metselwerk in combinatie met hoog opgaande, plastisch vormgegeven rietgedekte daken. Horizontale belijningen, vensters gemaakt uit dik kozijnhout en een kleine roedeverdeling. De stijl is niet vooruitstrevend in constructie en materiaalgebruik.  

ontwikkeling 
Het ontwerp uit 1930 bestaat oorspronkelijk uit twee panden, gescheiden door een spouwmuur, onder één kap: een zusterwoning en het hoofdgebouw. Het  hoofdgebouw heeft enerzijds de functie als verblijf voor de zieken en anderzijds de functie van lighal. De ligging van het hoofdgebouw is zoveel mogelijk op het zuiden gericht. De lighal heeft grote openslaande deuren zodat de zieken beschut van de frisse lucht en zon kunnen genieten. In 1933 worden twee extra lighallen bijgebouwd op het terrein Zonlichtheide: Marooij en Pelikaan. In 1935 wordt het paviljoen ‘Juweeltje’ gebouwd als lighal maar wordt al gauw in gebruik genomen als  röntgenafdeling. In 1937 wordt nog een paviljoen toegevoegd: het Heringa paviljoen. Voor gezinnen met tuberculose patiënten worden in 1941 zes zonnehuizen op het terrein gebouwd.

In 1943 wordt er een verzoek ingediend door architect G.F.W. Berning voor het bijbouwen van een provisiekelder naast het hoofdgebouw. Na de overname van de st-Augustinusstichting in 1957 wordt het hoofdgebouw uitgebreid met een ketelhuis, een één-laags aanbouw aan de westzijde en een vergroting van de voormalige lighal aan de zuidzijde. Ook het interieur wordt na 1957 diverse keren gewijzigd. Van de nazorgkolonie zijn alleen nog het hoofdgebouw, een paviljoen en de zwaar verbouwde zonnehuizen bewaard gebleven. Het hoofdgebouw en ‘t Juweeltje, bevatten veel en diverse historische waarden, op architectonisch, bouwhistorisch en immaterieel gebied.

Terug naar het verleden:
1944: de evacuatie

Na evacuatie van de Gennepse burgerbevolking konden de mensen, die op een of andere manier verbonden waren met Zonlichtheide zich niet meer op de buitenwereld oriënteren. Alleen militair verkeer, geen elektriciteit, geen radio, geen telefoon, geen post of krant. En wat zouden ze aantreffen na het zoveelste artillerieduel? Het doelwit van de Engelse mortieren en kanonnen in Oeffelt en Beugen waren de Duitse stellingen in de Logterheuvels. ZLH lag in het in het schootsveld. En de huizen aan de Heijenseweg, waar personeel van ZLH in woonde, kregen de te kort gerichte projectielen.

De beltmolen, uitkijkpost van de Duitsers, door een voltreffer van de geallieerden vernield.
Treffers
De eerste oktoberweken bleef het ZLH-complex gespaard van granaten. Maar de derde week richtten de Engelse kanonniers hun geschut ook op de korenmolen op de Logterheuvel aan de Heijenseweg. Missers kwamen rondom de molen terecht. Daarbij werden ook de drie zogenaamde zonnehuizen van ZLH vóór de molen geraakt en onbewoonbaar. Een week later vielen er granaten op twee huizen aan de westkant van de Heijenseweg en één door het dak van de Stiemens’ villa. Gelukkig zat daar iedereen in de kelder en kwam men met de schrik vrij. Enkele kamers boven waren onbruikbaar geworden. Maar beter puin dan gewonden of erger.

Evacuatie
Een arts van de Duitse generale staf bezoekt eind oktober geneesheer-directeur Stiemens. Hij acht de toestand waarin ZLH en zijn populatie verkeren allerbelabberdst. Zeker nu de voedselvoorraad voor zoveel mensen een probleem gaat worden. Hij zegt te zullen rapporteren dat een groot deel van de mobiele bewoners onmiddellijk moet evacueren. Het allernoodzakelijkste personeel en de medische staf kunnen vooralsnog blijven. Hij vraagt wat dokter Stiemens en zijn familie wil doen. Deze zegt dat hij als geneesheer-directeur met de zijnen bij de laatsten zal vertrekken. De stafarts zegt dat de evacuatie binnen 48 uur zal plaats vinden. Hij neemt het verzoek mee om met de Engelsen contact te zoeken en te vragen of ZLH naar de overkant van de Maas zou mogen vertrekken.

Troosteloos
Op 1 november vertrekt inderdaad een groot deel van de bewoners in en rond ZLH. De keukenstaf denkt, nu een groot aantal mensen vertrokken is, enige variatie in de maaltijden te kunnen aanbrengen en niet alsmaar stamppot te hoeven serveren. De familie Stiemens krijgt een Ausweis om in hun huis op de Spoorstraat de weckflessen te gaan ophalen.
Na een week verschijnt de Duitse arts weer op ZLH met de mededeling dat het verzoek om passage van de Maas voor ZLH overgebracht is. Een reactie is nog niet ontvangen. Dokter Albert Daan, de man van dochter Tiets Stiemens, is voor de eerste keer sinds de evacuatie van Gennep tussen de granaten door langs de schildwacht bij de moutfabriek het stadje in geweest. Het ziet er daar verschrikkelijk uit. Beschadigde huizen liggen er troosteloos verlaten bij. Vergeleken hierbij valt het op ZLH en omgeving nog reuze mee.

Foerageren
Nu in november krijgen we de voorboden van de winter. Het hagelt en de nachten worden koud. Op ZLH worden extra dekens uitgedeeld, afkomstig uit huizen van de bewoners die geëvacueerd zijn. De centrale keuken komt 10 november met een verrassing: gekookte aardappelen! Sinds lange tijd in de plaats van stamppot. Een tweede verrassing: er komt een auto uit Utrecht. De twee inzittenden komen… foerageren! De voedseltoestand is in West Nederland zeer miserabel. De twee hopen hier een auto vol aardappelen en meel te kunnen meenemen. Hun wordt aangeraden het bij de nog aanwezige, voor de Wehrmacht zorgende boeren en bakkers te proberen.

Voltreffers
De uitkijkpost op de Logtermolen is dagenlang doelwit van het Brabantse kanonvuur geweest. Een Pipercup kwam regelmatig observeren hoe de windmolen erbij stond. Op 10 november stond het vizier blijkbaar goed, want die dag velde een aantal voltreffers de molen volledig. Voor de zekerheid kreeg de hoog gelegen Stiemensvilla een groot rood kruis op het dak. In de laatste week van november komt de bekende stafarts weer bij Stiemens met de mededeling dat er plannen worden ontwikkeld om ZLH, het klooster en MO te ontruimen. Het Maaswater stijgt, er is al een kelder met patiënten ondergelopen. De zieken daarin liggen nu weer bovengronds. Er is geen andere plek.

Goede Sint
Op en rond ZLH verblijven nog een honderdtal kinderen. Ondanks de trammelant en een dreigende evacuatie wordt voor de kinderschaar Sinterklaas niet vergeten. Een deputatie van ZLH gaat naar de Ortskommandant om zijn medewerking te vragen voor een cadeautje voor elk kind met Sinterklaas. De Duitser denkt eerder aan Weihnachten bij cadeaus, maar toont begrip voor de Nederlandse traditie. Een soldaat gaat mee naar een woning, waar een grote berg kinderspeelgoed uit Gennepse winkels en huizen bijeen gebracht is om naar Duitsland vervoerd te worden. Daar kan ZLH voor elke jongen en meisje een surprise uitzoeken. Dus kan St. Nicolaas elk kind op de pakjesdag blij maken met een surprise. Verder heeft bakker Jan Bernards in de Gennepse Hei voor eenieder een speculaasje gebakken en voor elk gezin een banketletter. De officier van de bunker bij ZLH heeft het kinderfeest meegemaakt: “Ich möchte mal Kindergesichter sehen”…

Vertrekplan
4 december komt het bericht dat er vertreklijsten met namen gemaakt moeten worden. De positieve patiënten met minimale verzorging en verpleging blijven in Gennep. Een generaal met zijn staf komt naar Gennep en laat weten dat er tien auto’s, elk voor 30 personen, zullen komen voor het transport. Op het zandemplacement van de MBS -vooraan op de Heijenseweg- zullen voor het verblijf van de TBC-positieve patiënten tramwagens ingegraven worden. Voor proviandering zullen wekelijks 1 à 2 koeien beschikbaar komen. Stiemens maakt de generaal duidelijk dat hij en familie pas met de laatste positieve patiënt Gennep zal verlaten.

Voedseltocht
Donderdag 7 december krijgt een groepje mannen van ZLH toestemming met kar en paard van boer Martens naar de buitenwijken van Gennep te gaan. Uit huizen waar de deur open staat, mogen ze binnen hout, kolen, weck, aardappelen, enz. weghalen en op de kar laden. Daarmee kunnen voorraden op ZLH aangevuld worden voor de resterende groep mensen na de op handen zijnde evacuatie. Zaterdag 9 december valt de eerste sneeuw. ‘s Avonds wordt een groep vrijgezellen gepakt die probeerden de Maas over te steken en zo aan de evacuatie te ontkomen. Er was zelfs een patiënte bij. Ze zijn met onbekende bestemming door de Duitsers afgevoerd. De patiënte mocht terug naar het sanatorium.

Winter
Op en om ZLH is evacuatie hét gesprek van de dag. Er worden rugzakken gemaakt en koffertjes gezocht. Het grootste deel van de bewoners zal Gennep rijdend of lopend verlaten. Zullen de overblijvers Kerstmis hier nog meemaken? De familie Stiemens in hun villa bereidt zich voor op zware weken. Als het een momentje rustig is, komen de vier jongens van dochter Tiets even boven in de tuin. Maar bij de eerste knal vluchten ze met rode neus en oren weer de kelder in. Want het is guur en koud. Door de vele regen blijft de Maas maar stijgen. Het water staat al bij de boerderij van Martens. 

Als voor de evacuatie maar geen patiëntenkelder water maakt. Men is volop bezig met de tramrijtuigen in de Zandheuvel. Het is zondag 10 december en hartje winter. Bij gebrek aan steenkool worden de kachels met hout gestookt. Het houtwerk van kapot geschoten schuurtjes en huizen (kozijnen, deuren, zelfs vloeren) wordt tot brandhout verwerkt.)

Protest
Maandag 11 december is het weer raak. De ene granaat na de andere. Vooral de huizen aan de oostkant van de Heijenseweg moeten het nu ontgelden. De weg maakt een geteisterde indruk. Op ZLH heerst grote ontevredenheid. Op de evacuatielijst staan alle vrijgezellen. Zij protesteren. De Duitse gezondheidsofficier is het beu. Hij wijst 200 mensen aan die zullen moeten vertrekken. Basta! Zuster De Haan komt van het Norbertusgesticht in de Kerkstraat naar ZLH. Ze vertelt aan Stiemens hoe penibel de situatie daar is. In het gebouw MO werd de toestand voor de bedlegerige patiënten te gevaarlijk bovengronds. Alles en iedereen is ondergebracht in het Norbertusgesticht en in kelders van woningen in de naaste omgeving en het stadhuis. Ze heeft een zak appelen meegebracht, een delicatesse!

RAF luchtopname van september 1944

De Maas
De maand december vordert. Kerstmis komt al in zicht. Van evacueren hoort niemand meer iets. Moeders met kleine kinderen aan de fles proberen bij Stiemens voor elkaar te krijgen dat zij op ZLH mogen blijven. Maar de organisatie van ZLH staat in deze machteloos. Het bestuur gaat hier niet over. Plotseling worden op 14 december de laatste boeren die nog in Heijen mochten blijven door de Duitsers naar Gennep gedirigeerd. Volgens mensen op ZLH blijft de Maas maar stijgen. Een watersnood zal de chaos hier compleet maken. Verschillende loopgraven van de Wehrmacht zijn ondergelopen. De kanonnen aan de overkant hebben er geen last van, de granaten blijven komen. Er zijn er twee niet ver van de twee paviljoens gevallen.

Brand
De grote brand die gisteravond (14 dec.) de hemel rood kleurde, blijkt het station geweest te zijn. ZLH was al ongerust dat het bakker Bernards was. Gelukkig niet. Dat zou voor het sanatorium en omwonenden een ramp geweest zijn. Dokter Albert Daan werkt de hele dag mee aan de patiënten-rijtuigen in de zandafgraving. Het vriest ‘s nachts, er ligt een dun laagje ijs op de plassen. Dokter Stiemens krijgt bericht dat een gezondheidsofficier van de generale staf langs zal komen. Komt hij met nieuws over de nog altijd geplande evacuatie?

Vertrekbericht
Hen A. kwam op ZLH met een zak tabaksbladeren, die hij ‘georganiseerd’ had. Mannen waren de bladeren aan het snijden toen de officier de boodschap bracht, dat zaterdag 23 december de totale bevolking van ZLH uit Gennep zou moeten vertrekken. Ook de positieve patiënten. Alle gebouwen en woningen dienden leeg te zijn. Vervoer werd geregeld. Dus toch. Van uitstel geen afstel. Verslagenheid alom. De werklui bij de zandafgraving stopten met het werk. Dit was mooi voor niks geweest, dachten ze. Mensen, in hun jas gedoken, staan in de gure winterkou te overleggen wat ze mee kunnen nemen. De eerste voorbereidselen komen op gang. Dokter Stiemens en zijn vrouw moeten wat ze in 40 jaar opgebouwd hebben en waarvoor ze geleefd hebben achterlaten. Met een koffertje en een rugzak laten ze hun levenswerk achter zich. De kerstboompjes, die men in gedachten had voor in de schuilkelders, konden blijven staan.

Voorbereiding
Boer Deenen uit Heijen, een van de melkleveranciers van ZLH, moet met de laatste burgers het dorp onmiddellijk verlaten. Zijn koeien worden, net als die van de Aaldonk, naar Duitsland weg gevoerd. De volgende dagen leven de mensen van ZLH onder hoogspanning. Wat kan meegenomen worden voor volwassenen en kinderen, wat kan er in koffer en rugzak? Wat is absoluut noodzakelijk? De Engelsen trekken zich er niets van aan. Een oversteek van de Maas door de evacués is volgens de Wehrmacht door de geallieerden geweigerd. Oeffelt bijvoorbeeld is ook al geëvacueerd. Duitse patrouilles hebben de Oeffeltse kerktoren opgeblazen! Iedere dag krijgt Gennep artillerievuur uit Brabant en de Plasmolen.

Laatste nacht
Op 22 december moet alle bagage die meegaat verzameld liggen in de woning ‘Rouffiac’ vooraan op de Heijenseweg. Iedereen heeft een volgnummer op de vertreklijst gekregen. Dat nummer moet ook op elk bagagestuk staan. Het huis wordt die nacht door mannen bewaakt. Tegen de avond draagt pater-overste Van Rooij, die van het reeds vertrokken MO naar ZLH is gekomen, een H. Mis op. Het wordt een emotionele afscheidsdienst in de woning nr 15 van de Heijenseweg. Daarna gaan allen voor de laatste nacht in Gennep te bed in de diverse schuilkelders en proberen iets te slapen. De schildwacht bij de overweg ziet op afstand schimmen bewegen rondom het huis met op de voorgevel de naam ‘Rouffiac’, het gebied in Frankrijk, waar de NBDS-ambtenaar oorspronkelijk vandaan kwam.

Gennep uit
Op zaterdag 23 december arriveren de Duitse Rode Kruisbussen en -auto’s, die de 200 patiënten en minder mobiele mensen met hun handbagage naar Goch zullen brengen. Het gaat in totaal om ongeveer 550 personen. Voor het hele transport van 550 mensen zal men de hele zaterdag nodig hebben. Enkele vrouwen hebben voor tussen de middag eten bereid. Het is stamppot en stevige pap, die allebei door de nog in Gennep wachtende mensen ook met een vork gegeten kan worden! Het schemert al wanner de laatsten Gennep uitrijden. Die zaterdag 23 december ‘s avonds is het stadje Gennep echt al een zwaar geteisterde militaire vesting geworden.

Paardenmest
Op het station Goch staat een trein met 23 goederenwagons klaar. De drommen mensen vertellen elkaar dat de trein als het donker is naar Winterswijk gaat rijden. De rit zal -zonder luchtalarm onderweg- ongeveer twee uur duren. Men spreekt elkaar moed in: dat overleven we wel. De Rode Kruismensen van Goch doen hun uiterste best vrouwen en kinderen in het schemerdonker in de wagons te helpen. Daar binnen staan banken langs de wanden. Dicht tegen elkaar gepakt zitten daar de mensen op. Warm is het niet. Maar je bent in elk geval beschut tegen de vrieswind buiten. De patiënten liggen tussen dekens op stro in de wagons. Aan een ijzerdraad hangt een carbidlamp, zodat het niet stikdonker is. Tijdens het vorige transport hebben de wagons blijkbaar paarden vervoerd. De wagons zijn provisorisch schoongemaakt. In de hoeken liggen nog strospieren en restanten van paardenmest. Je ruikt de paardengeur. Maar alla, weg uit deze oorlogsellende en binnen een paar uur zijn we in het veilige Winterswijk.

Treinreis
Het lange wachten is begonnen. Kinderen zitten op moeders schoot tegen haar aangeleund te slapen. Groteren liggen doodmoe na die inspannende dag languit op de vloer tussen de banken. Tegen 20.00 uur een schok… de trein, getrokken door twee locomotieven, zet zich in beweging. Getooid met Rode Kruisvlaggen rijdt de trein de donkere nacht in. In Wesel stopt de trein op het rangeeremplacement. Er is groot luchtalarm; de trein blijft stil staan. Het bekend geluid van vliegtuiggeronk trilt in de wagons door. Gelaten wachten de mensen af. Gelukkig, de eskaders vliegen over. Als na een klein uur het sein ‘veilig’ weerklinkt, haalt iedereen opgelucht adem. Krakend en piepend gaat de tocht in een slakkengangetje verder. De geplande twee uur wordt zo ver overschreden. Schokkend over de wissels worden de stations Bocholt en Borken gepasseerd en rijdt de trein de Nederlandse grens over. Het is 01.00 uur als men het station van spoorwegknooppunt Winterswijk binnenrijdt. Gisteren in Gennep, nu zondag 24 december 1944 op station Winterswijk.

Ontvangst
Op het station staan leden van het Nederlandse Rode Kruis klaar om de verkleumde evacués te ontvangen. Met de medische staf van ZLH wordt direct overlegd waar allereerst de patiënten zullen heengaan. Ze krijgen een plaats in de Meijerinkfabrieken te Winterswijk. Daar was ook ruimte genoeg voor alle anderen. Voor wie zin heeft, is er eten en drinken. De hele volgende dag, Eerste Kerstdag, wordt er links en rechts gebeld voor een geschikt blijvend onderkomen voor de patiënten en verplegend personeel. In de kerken van Winterswijk wordt op deze Eerste Kerstdag het kerstverhaal van Maria en Jozef en hun vergeefse tocht langs de herbergen verbonden aan de actualiteit van deze zondag: de aangekomen vluchtelingen uit Noord-Limburg. Biedt ruimhartig onderdak aan deze mensen, die niets meer hebben. Zo komen er opvangadressen binnen bij het Rode Kruiscomité

Verder
Er zijn ook mensen die bij familie in de Achterhoek terecht kunnen. Een aantal meldt zich af, omdat ze onderdak gevonden hebben op een andere plek in Groningen, Friesland, Drenthe of Overijssel. Die trekken dus op eigen gelegenheid verder. Geleidelijk aan lost de stroom van honderden vluchtelingen zich op en kan het Rode Kruiscomité zich na veel hoofdbrekens gaan richten op het jaareinde.

Krentenbrood
Alle treinreizigers voelen zich weer bovengrondse mensen zonder het onophoudelijk geronk van vliegtuigen, het ontploffen van granaten, de bijna onwezenlijke rust en stilte. Het gevoel van weer in een bed te slapen, stromend water te hebben, een schakelaar te kunnen omdraaien voor elektrisch licht… Een brandende kachel of centrale verwarming, daar moet je weer even aan wennen. Je eet weer roggebrood, krijgt weer krentenbrood, er is weer margarine…
En toch zijn er momenten dat er een verdrietig gevoel in je omhoog kruipt. Je hebt alles moeten achterlaten. Het knuffelbeertje, de lievelingspop konden mee. Maar Fikkie, Miesje… Waar zouden die nu zijn? Wat zullen we terugvinden, en wanneer?

NAWOORD

Tijdens de Operatie Market Garden (17-25 september 1944) werd het zuidelijk deel van de provincie Limburg bevrijd. De rest van de provincie bleef na mislukken van de operatie Duits bezet gebied. Het topje van Limburg -Mook uitgezonderd- was tot Operatie Veritable (8 febr. 1945) in Duitse handen. Het werd maandenlang (sept. ‘44– febr. ’45) frontgebied, waarbij dagelijks artillerieduels werden uitgevochten tussen Duitsers en geallieerden aan de andere zijde van de Maas, zonder maar enige rekening te houden met de nog aanwezige burgerbevolking.
Toen deze bevolking de Wehrmacht een blok aan het been werd, beval de legerleiding half oktober tot ontruiming van de gevechtszone. Zo moest ook Gennep binnen 48 uur evacueren.
De Duitsers lieten echter twee volledig functionerende sanatoria voor tbc-patiënten in Gennep zondermeer aan hun lot over. Zo’n 800 personen, jong en oud, moesten onder barre oorlogsomstandigheden meer dan twee maanden zien te overleven. Totdat vlak voor Kerstmis 1944 de Duitse generale staf de mensen liet wegvoeren onder bedreiging van geallieerde beschieting en in veewagons.
Deze tien weken onder granaatvuur, zonder elektriciteit en stromend water, levend van gevonden voedsel in de verlaten huizen en boerderijen, met een flakkerend kaarsje in vochtige, koude schuilkelders, vinden we in officiële oorlogsdocumenten nergens beschreven. Zelfs niet in de meest recente uitgave van het Niod: Leven in bezet Nederland-1944-5. Titel: Verstoorde verwachtingen.

Leidinggevenden van deze twee sanatoria, alle 800 overlevenden gedurende deze bizarre periode in Gennep verdienen het niet onbeschreven in de Nederlandse oorlogshistorie te vervagen.
WieL van Dinter
Gennep, nov./dec. 2019

Na de oorlog:
Het sanatorium Maria-Oord was bij de bevrijding zo zwaar beschadigd dat er na de oorlog alleen een puinhoop te vinden was. Het sanatorium werd niet meer herbouwd. Wel werd een nieuw sanatorium gebouwd in de buurt van Rosmalen. Zonlichtheide werd in 1947 pas weer geopend. Op 18 september 1952 bezoekt Koningin Juliana tijdens haar bezoek aan Limburg ook Gennep. Zij gaat langs bij het sanatorium en praat met leiding, personeel en patiënten. 

Previous
Next

Kort na het overlijden van dokter Stiemens wordt Zonlichtheide gesloten. De behandeling van TBC patiënten kan door de ontwikkeling van de medische wetenschap ambulant. Opname is niet langer noodzakelijk. In 1957 werd (op de naamdag van de Heilige Augustinus) de oprichtingsakte van de Augustinusstichting, tegenwoordig Dichterbij, ondertekend. Hiermee kreeg het leegstaande sanatorium een nieuwe functie. Vanaf de jaren 90 zijn de grote etablissementen door Dichterbij vervangen door kleinschalige wooneenheden. In 2006 is een groot deel van de terreinen van de Augustinusstichting gesloten en afgestoten.

Ontwikkelingen uit de laatste jaren:

In de loop der jaren worden de gebouwen verlaten en staat Zonlichtheide en een enkel bijgebouw te verkommeren. Het eens zo sierlijke gebouw raakt vervallen. Om erger te voorkomen worden de ingegooide ruiten met houten platen dichtgespijkerd.  In 2013-2014 wordt er nog een plan gelanceerd het complex te herontwikkelen. Er wordt een zgn. “herbestemmingsscan” ontwikkeld waarin 2 scenario’s worden ontwikkeld: “Bospaviljoen”en “zorgcentrum de Heikant”.  Een fraaie brochure – zie hieronder- wordt uitgegeven waarin e.e.a. wordt uitgelegd. Helaas wordt dit plan geen werkelijkheid. 

Klik op de foto om het boekje te openen.

Nog een plan (2017).
Zoals in het jaarverslag de “Commissie Ruimtelijke Kwaliteit” van Gennep in 2017 (Gepubliceerd door het Geldersgenootschap  dat bij de planvorming was betrokken) wordt demogelijkheid van een medisch centrum in het gebouw van Zonlichtheide besproken. Meer over dit plan leest u hier


De Gelderlander 08-2018
In de krant stond het volgende bericht:
Stichting Monarch zet zich in voor monumenten, archeologie en cultuurhistorie in de gemeente Gennep.
Een nieuw gevormde werkgroep van Monarch is sinds een aantal maanden op zoek naar wegen die leiden tot het behoud van de historische villa (met bijgehorend kapelletje). Dat gebouw staat in de bossen langs de Heijenseweg en werd in de eerste helft van de vorige eeuw gebruikt als hersteloord voor mensen met tuberculose. Eigenaar Dichterbij wilde eigenlijk geen monumentale status, maar het Cuypersgenootschap, een gerespecteerde vereniging die zich inzet voor het behoud van bouwkundig erfgoed, krijgt nu uiteindelijk gelijk van de gemeentelijke bezwarencommissie.

Mirso Bajramovic, de voorzitter van Monarch, heeft een verzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders. Vorig jaar kaartte Frank Pubben (D66) de deplorabele staat van het sanatoriumgebouw in deze krant al aan. Daarna ontfermde ook Monarch zich over het pand. Bajramovic stelt voor dat het college Monarch ondersteunt bij de aanvraag voor de status van Rijksmonument. ,,Dat kan via ambtelijke ondersteuning, wellicht door het inschakelen van het Gelders Genootschap dat de nodige expertise en ervaring in huis heeft.”

Het voormalige sanatorium staat al jarenlang te verkommeren. Het rieten dak van het Zonlichtheide-gebouw is verwijderd. De ramen zijn afgetimmerd met houten platen. De gemeente Gennep heeft eigenaar Stichting Dichterbij eerder voorgesteld om het sanatorium en een bijgebouwtje (kapel ‘Het Juweeltje’) op de gemeentelijke monumentenlijst te zetten als karakteristiek ensemble. Dat wilde Dichterbij niet. 

Volgens Bajramovic is in een gemeentelijke visie op de terreinen van Dichterbij wel vastgelegd dat de villa en de kapel gehandhaafd moeten worden. Maar door de slechte staat van de sanatoriumvilla dreigt sloop en mogelijke nieuwbouw op dezelfde plek. 

Hangplek
Bajramovic zegt signalen te hebben gekregen dat jongeren sinds kort illegaal het sanatoriumgebouw hebben ingenomen als hangplek. Reden voor Monarch om aan de bel te trekken om de teloorgang van het pand tegen te gaan. Hij steunt de mening van Tonny Wilbers, Philip Stiemens en Niels Daan van de werkgroep. Zij denken dat het behouden van het Gennepse sanatorium als Rijksmonument goede kans maakt. De meeste sanatoria voor tuberculosepatiënten zijn namelijk verdwenen. De panden van Zonlichtheide zijn daardoor van extra cultuurhistorische waarde. 

December 2020
bron: de Maas Driehoek

Gemeente Gennep is een monument rijker. Zowel het hoofdgebouw als ’t Juweeltje van het voormalig sanatorium aan de Heijensweg in Gennep hebben een plekje gekregen op de monumentenlijst. Aanvankelijk werd het verzoek om iconische gebouw op deze lijst te krijgen door het college van B en W afgewezen. Echter is een bezwaarschrift van stichting Cuypersgenootschap gegrond verklaard, waardoor de Zonlichtheide alsnog op de gemeentelijke monumentenlijst komt. 

Volgens wethouder Rob Peperzak verandert er voor de gemeente verder niet bijzonder veel. Er waren al goede en duidelijke afspraken gemaakt met zorginstelling Dichterbij, de huidige eigenaar, om de iconische aspecten van het vervallen gebouw in ere te herstellen. De benoeming tot monument geeft enkel meer zekerheid dat dit ook daadwerkelijk zal gebeuren.

2 situatieschetsen uit het jaarverslag van de CRK (commissie Ruimtelijke kwaliteit) van 2017

Wordt (het?) vervolgd…..

Door admin

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *